DAG 1
Rouwtaak
1 = HELDER KRIJGEN WAT ER EIGENLIJK
ALLEMAAL IS GEBEURD
Van te voren: Zorgenboom
maken of samen met de kinderen. Je kunt het kind vragen of ze de knuffel(beer)
meenemen, die je gaf bij het kennismakingsgesprek. Papiertjes met perforator en
gekleurde lintjes (die vaak bij een bos bloemen zitten) klaarleggen, of wollen of zijden draadjes om de zorgen op te hangen.
Hart,
ster, vlinder of engeltje van vilt
maken. Voorgeknipt vilt, naald en draad, kralen en vulling (watten, of
afzuigkapfilter) klaarleggen. (zie voorbeelden hieronder).
Of
een (beren)mandala
klaarleggen om in te kleuren. (zie www.mandala.beginthier.nl)
Zorgenpoppetjes
klaarleggen.
________________________________________________________
Voorstellingsrondje (bij meerdere kinderen tegelijk)
Wie
is er in jouw gezin dood gegaan.
Foto
van de overledene: uitstallen.
Met de knuffelbeer in
de arm, kun je kinderen erop wijzen dat ze nu door een moeilijke periode gaan
in hun leven. Maar dat zij – net als de beer – over een enorme innerlijke
kracht beschikken. De beer zal ze eraan herinneren dat ze zelf ook
"berenkracht" hebben.
Of zo sterk zijn als
een leeuw, tijger, giraf, of een olifant, e.d.
Ik vind het heel
vervelend voor jullie dat jullie op zo jonge leeftijd al met de dood te maken
hebben. Mijn vader en moeder zijn ook dood. Maar toen was ik al ouder en had
zelf kinderen.
Wat is dood
eigenlijk? (laten vertellen) ………………….
Wat is dood eigenlijk?
VOORLEZEN: Wie van ons is er wel eens doodgegaan? .............
Wie van ons is er wel eens
doodgegaan?
(naar Toon Tellegen /
Misschien wisten zij alles. 214 verhalen over de eekhoorn en de andere dieren,
blz. 294)
Als
je geboren wordt, ga je ook weer dood. Dat gebeurt bij ons allemaal.
Het
leven duurt een leven lang. Soms is dat kort en soms heel lang, of iets daar
tussenin.
Rinus Rups
(laat het knuffelbeest zien)
De
rups weet heel goed wat verandering is. Dat hebben nu eenmaal alle rupsen in
zich, dat ze straks, als hun leven als rups klaar is, veranderen in een
prachtige vlinder!
De
dood hoort bij het leven.
Rinus
zijn pootjes hebben allemaal verschillende kleurtjes. Een stukje verdriet, een
stuk boosheid, een stukje bang zijn, een stukje pijn.
Verdrietige/saaie/vervelende en ook leuke, gezellige dingen hóren bij het
leven. Dat hebben alle mensen soms. Maar meestal gaat het wel goed en dat zie
je aan het groene lijf van Rinus.
Jij
hebt, nu je je moeder/vader/broertje/zusje verloren hebt, wat werk te doen,
rouwtaken noemen we dat.
Net
zoals je taken op school krijgt, om
1
= helder te krijgen wat er eigenlijk allemaal is gebeurd
2
= te leren omgaan met iemand die je verloren hebt
3
= duidelijk te krijgen welke je gevoelens van het verlies zijn en hoe dat
voelt, wat je voelt
4
= aan te passen aan een omgeving zonder je overleden moeder/vader/broertje/zusje
5
= nieuwe vriendschappen te krijgen
Daarom
denk ik dat het goed is dat jij / jullie
vijf keer hier komt / komen.
We
gaan wat praten en knutselen of kleuren.
Moet je erover praten of juist niet?
Het is nooit leuk om
over de dood van je vader/moeder/broertje/zusje te praten. Omdat je het liever
af en toe een beetje vergeet. En als je je verdrietig voelt, dan krijg je een
brok in je keel en kan je gewoon eigenlijk helemaal niks zeggen.
Soms heb je er een
hele tijd geen woorden voor om over je vader/moeder/broertje/zusje te praten.
Je kunt ze ook op een
andere manier hun verhaal laten vertellen, bijvoorbeeld met een tekening, of
plakken en knippen, of kleuren, of door een verhaal op te schrijven.
Je kunt er beter sámen
over praten dan er alléén over na te denken (want dan kan je iets bedenken wat misschien
helemaal niet klopt). Dus is het beter om als je ergens mee zit, dat te zeggen
aan je vader of moeder.
Een oma of opa kan
jullie heel veel vertellen over jullie eigen overleden vader of moeder, hoe hij
of zij was toen ze nog bij hen woonde.
Vraag maar eens of
jullie foto's mogen komen kijken hoe papa/mama eruit zag toe hij/zij klein was.
Wat zou jij nog willen weten
over je vader / moeder?
(Als het kind aarzelt….)
………………………………..
Je kunt je verhaal
ook aan je huisdier of knuffels vertellen. Die kunnen héél goed luisteren.
Vertel
jij wel eens dingen aan jouw huisdier of knuffel? Voel je je daarna anders?
……………………….
VOORLEZEN Waar ga je heen als je dood bent?
Kinderen
hebben vaak eigen ideeën waar degene die dood is gegaan nu is.
Om
erachter te komen wat deze ideeën zijn, en of er geen enge gedachten voor het
kind bij zijn, kun je b.v. het volgende tegen kinderen zeggen:
Waar ga je heen als je dood bent?
Als je dood bent, is je lichaam stuk.
Het kan niets meer voelen.
Het omhulsel (lichaam) wordt aan de aarde of aan de lucht
teruggegeven.
Je bent
vrij om te geloven in bijvoorbeeld een God, een hemel, een ziel, of dat er
niets is, of dat je het niet weet. Dat je vader/moeder/broertje zusje naar de
zon, maan, sterren is, opgehaald door de engelen, naar de hemeltuin, of naar de
planeten. (Iedereen heeft daar een eigen
idee over!)
Je kunt
het als het ware vergelijken met een ballon. De ballon knapt, de ballon is
kapot.
Waar de
lucht uit de ballon heen gaat, dat weten we niet, omdat we dat niet meer kunnen
zien.
Zo is
dat ook met iemand die dood is gegaan.
Wat denk jij?
Geloof
jij ergens in, en zo ja, wat geloof jij waar ……………….. naartoe is gegaan? ……………………………………….
Hoi papa (mama) in de hemel
Lieve papa (mama), kan je mij nog zien?
Kijk, dit is mijn verjaardagstaart, en
nu ben ik tien!
Ik zou je wel een puntje willen sturen
Vier jij nu ook een beetje feest
Of is daar alles van geest?
Als ik in bed lig, zal ik aan je
denken
Raden wat jij aan mij wilt schenken
Een stukje hemel of zoiets?
Of kun je zorgen voor een nieuwe
fiets?
Ik zal heel goed naar je luisteren
Kun je nog een beetje fluisteren?
Als ik het heel stil maak in mijn
oren,
Kan ik je misschien van binnen horen.
(Jan Vijn)
Wat is er allemaal gebeurd? Als kinderen niet willen praten: Poppen tegen knuffels laten praten. …………………………………………..
OF
Vraag het maar aan de wijze
kabouter (innerlijke kind), die weet vast wel het antwoord. Zet hem maar op je
vinger, en houd hem bij je oor, luister maar…………………….
Wat
zegt hij? …………………….
We nemen heel vaak
afscheid in ons leven. Als je geboren wordt, moet je al uit je moeders warme
buik. Of…..
Als je naar een
andere klas gaat, krijg je bijna altijd een andere juffrouw of meester.
Als iemand gaat
verhuizen, dan ga je afscheid nemen van je oude huis en je buren.
Als er een huisdier,
een vogeltje, cavia, poes of hond of goudvis doodgaat, moet je ook afscheid
nemen.
Praatstok - Bij meerdere kinderen mag
het kind met de stok in de hand praten
1.
Hoe kwam het dat ……………… is doodgegaan?
2.
Wat is er toen gebeurd?
3.
Hoe heb je het gehoord?
4.
Heb je hem/haar nog gezien om afscheid te nemen? Hoe was dat voor jou?
5.
Hoe ging het die dagen daarna?
6.
Hoe heb afscheid genomen? Heb je een tekening
gemaakt om in de kist te leggen, of de kist versierd?
7.
Hoe was het op de begrafenis / crematie.
8.
Wat gebeurde er daarna?
9.
Wat is je vervelendste herinnering?
10.
Ga je nog wel eens naar ………… graf toe?
11.
School: Toen ging je weer naar school? Had de juffrouw of meester het al aan de
kinderen verteld dat je vader/moeder/broertje/zusje was overleden. Hoe was dat
voor jou op school?
Rouwtaak 2 = LEREN OMGAAN MET VERLIEZEN
Besef
van het verlies, inzien dat diegene echt is overleden.
Afscheid
kunnen nemen is hierbij belangrijk. (anders
alsnog een afscheid creëren!)
(Het kan helpen als een volwassene erkent dat het leven niet altijd leuk is. Maar soms ook
moeilijk, verwarrend en vervelend, rot.)
Wat helpt als je je …… mist?
(vragen
of ze zelf ideeën hebben………………)
Ö Foto om naar te kijken en tegen te praten.
Ö Naar het graf of de urn gaan en een beetje
praten.
Ö Met familie erover praten of met de juf of
meester.
Ö Geurtje op zakdoek van vader/moeder, 's
avonds mee naar bed, dan lijkt het net of je vader/moeder bij je is.
Ö Van iedere vakantie een steen meenemen, en
bij je vaders/moeders plekje neerleggen.
Zorgenboom (al of niet een echte tak!), versieren met vlinders, appeltje, ster, zon, engeltjes, hartjes e.d. Elfjes, bloemetjes erbij.
Ieder mens heeft
zorgen. Die zitten in ons hoofd en nemen we mee, waar we naartoe gaan. Zorgen
zijn de dingen waar je steeds aan moet denken.
We gaan vandaag
opschrijven, waar je steeds aan moet denken, waar je aandacht steeds is. Als je
meerdere nare, vervelende gedachten hebt, dan mag je die allemaal op een apart
papiertje zetten.
Dan hangen we die zorgen in
de zorgenboom. Niemand anders hoeft het te snappen. Je mag dus ook in
geheimschrift schrijven! Je mag het briefje dichtplakken, als je dat wilt. Maar
je mag er ook gewoon over vertellen en zo in de boom hangen, met een draadje of
een lintje.
Zorgenpoppetjes (te koop bij de Wereldwinkel of zelf maken) meegeven en uitleggen dat die door moeders zijn gemaakt in een land heel ver hier vandaan, Guatemala. Die geven zo'n poppetje aan hun kind als die verdrietig is en zorgen heeft. De kinderen vertellen hun verhaal aan het poppetje en leggen dat onder hun kussen en de volgende dag is hun zorg een stukje minder, en soms helemaal weg.
Toversteen -
Achter elke zorg zit een wens.
Als je een wens mocht
doen, wat zou je dan wensen? Heb je nog meer wensen? Geef elk kind naar keuze
een steen in hun hand en laat ze een wens doen. Ze hoeven dit niet per se
kenbaar te maken; mogen de wens in hun steen stoppen of in hun hart bewaren.
KNUTSELEN: engel, ster, vlinder, hart (De kinderen mogen kiezen)
MUZIEK afspelen: Kinderen voor kinderen: Het leven duurt een leven lang; Mama waar ben je nou; Mijn vader is een ster; Voor altijd (Marco Borsato); Vaderdag (Marco Borsato); Kusje (Herman van Veen)
Voor thuis eventueel:
TEKENING MAKEN VAN:
1. Afscheid: tekenen
2. De begrafenis of crematie tekenen
3.
Mijn eigen hemel tekenen
Mijn
moeder/vader is bij …………… de zon, de maan, de sterren, de regenboog, de hemel,
opgehaald door de engelen, de hemeltuin, de planeten, het niets.
Kinderen
vertellen soms mooie verhalen daarover.
===========================================
Dit is het einde van dag 1.








Geen opmerkingen:
Een reactie posten